Items
-
Restauratie muurschilderingen Grote of Jacobijnerkerk te Leeuwarden 1972-1978Volgens de waarnemingen van D.J. Schoonekamp zijn de schilderingen behorende bij de apostelserie niet, zoals gewoonlijk, direct op de pleisterlaag geschilderd, maar op een tevoren geprepareerde okerkleurige ondergrond aangebracht. Dit wijst volgens Schoonekamp op de werkwijze van een paneelschilder. De overgebleven fragmenten zijn, waar mogelijk, van de muur genomen en op een nieuwe kunststofondergrond bevestigd. Alvorens de schilderingen terug te plaatsen, zijn ze gedeeltelijk bijgeschilderd om een eenheid tussen de fragmenten te creëren, zodat de fragmenten niet van het muurvlak los lijken te komen. Hierbij zijn de oorspronkelijke delen gerespecteerd. Om een verschil aan te brengen tussen het oorspronkelijke en het nieuw aangebrachte schilderwerk zijn de bijwerkingen gearceerd. De voornaamste bijgeschilderde delen zijn de omlijstingen en de randen van de fragmenten van de oorspronkelijke schilderingen. Hierbij zijn geen details toegevoegd maar alleen de kleurvlakken vergroot, waardoor de schildering minder fragmentarisch lijkt. Daarnaast zijn de lacunes, die delen binnen de fragmenten waar de verflaag is verdwenen, bijgeschilderd in overeenkomstige kleuren. De muurvlakken tussen de fragmenten binnen de omlijsting zijn opnieuw voorzien van een ondergrond die in borstelige streken in een crèmewitte kleur is geschilderd.
-
Restauratie muurschilderingen Ned Herv kerk te Oostrum 1973-1978Datum restauratie onzeker, waarschijnlijk kort na 1973.
-
Restauratie muurschilderingen Ned Herv kerk te Bornwird 1980-1987Tijdens de restauratie van de schilderingen in het koor zijn de gedesintgreerde delen weer aan de drager gehecht en de schilderingen gefixeerd. De decoratieve schildering op de boog van de scheiboog is na fixatie bijgeschilderd met verf op waterbasis (reversibel).
-
Restauratie muurschilderingen Ned Herv kerk te Augustinusga 1993Schildering gedeeltelijk vrijgelegd, conservering figuren. Enkele losse delen weer aan drager gehecht. Lacunes in het oppervlak van fragmenten bijgewerkt in arceertechniek, net als enkele aanvullingen in de fragmenten van de engelen.
-
Restauratie muurschilderingen Grote of Sint-Maartenskerk te Bolsward door J.T. HalberersmaBij eerdere vrijleggen gewelfschilderingen veel van de schildering verloren gegaan. Opdracht om zo weinig mogelijk bij te schilderen.
-
Restauratie Grote of Sint-Maartenskerk te Bolsward door F.A.J. SmoorenburgDe schilderingen in het koor zijn tijdens de grootschalige restauratie van de kerk tussen 1937 en 1955 herontdekt en zijn vlak daarna door F.A.J. Smoorenburg gerestaureerd. Het vrijleggen van de gewelfschilderingen tijdens de restauratie van het gebouw tussen 1937 en 1955 is verricht door werklieden en bij deze onderneming zou veel van de schilderingen verloren gegaan zijn.
-
Restauratie muurschilderingen Ned Herv kerk te Damwoude 1984“gefantaseerde” aanpassing en overschildering op de schildering wordt weggenomen, alsmede later aangebrachte inpleistering. Schildering onder witkalk tevoorschijn halen; losliggende witkalk en pleisterlagen injecteren en vastzetten met lijm. Lacunes mbv arceringen ‘in toon brengen’ waardoor de schildering van een afstand gezien, de illusie wekt geheel bewaard te zijn gebleven.
-
Restauratie muurschilderingen Ned Herv kerk te Damwoude 1963-1967RM11681MU3: Losse kalkdelen weer aan de wand bevestigd, gaten gevuld en ontbrekende delen neutraal ‘ingetoond’. Bij de ontbrekende delen van de omlijsting werd symmetrie gesuggereerd zoals ‘de tegenoverliggende zijde die aangaf’ (citaat uit restauratieverslag). Bij de aanvang van de restauratie was de staat van de schilderingen erg slecht; de kalklaag had van de vochtige onderliggende tufsteen losgelaten, waardoor grote delen van de muur waren gevallen.
-
Victorkerk te KubaardEen muurschildering van een levensgrote Sint-Christoffel. De bovenste helft is bewaard gebleven. De schildering kan gedateerd worden in de late vijftiende eeuw. In deze eeuw was de heilige Sint-Christoffel erg populair en werd regelmatig afgebeeld.
-
Restauratie Andreaskerk in 1977 - 1979Restauratie schilderingen. Verder blootleggen van de schilderingen. Voor zover mogelijk de oppervlaktespanning verwijderen welke is ontstaan door eerder caseïnegebruik. Vastzetten, conserveren, retoucheren, reconstrueren (rozetten). Afnemen en terugplaatsen schildering rond sacramentshuisje.
-
Restauratie Andreaskerk in 1923Schilderingen gedeeltelijk ontdekt en gerestaureerd.
-
Restauratie Jacobuskerk inonderhoud aan schilderingen noordportalen buiten.
-
Restauratie Jacobuskerk in 1961 - 1966blootlegging en restauratie . Bij deze restauratie is de eerste periode (uit ca 1350) hersteld. Enkele fragmenten uit twee latere perioden zijn daarnaast gehandhaafd. Doordat er gekozen is voor een totale restauratie en reconstructie van de eerste afwerkperiode is er veel historisch materiaal uit latere fases verloren gegaan. Hiervan zijn nog wel foto's te vinden in de RCE Beeldbank.
-
Restauratie Mariakerk in 2023 - 2024aardbevingsschadeherstel en conservatie SIM. Aanleiding was bevingsschade; 149 scheuren hersteld met hot-mixed lime methode. Daarnaast conservatie muur- en gewelfschilderingen sobere insteek. Lacunes werden gevuld met kalkzandmortel en injecties van onthechte pleisterdelen met kalkmengels. Ook tijdens deze ronde weer veel door zout verwoest restauratiepleisterewerk vervangen door kalkmortel. Ook herstel van zones door zout restauratiedecoratiewerk met kalkverf.
-
Restauratie Mariakerk in 1983schadehersel aan pleisterwerk. Door schade aan het restauratiepleisterwerk als gevolg van zoutuitbloei werden enkele opvallende aangetaste zones aan de onderkant en rondom de triompfboog hesteld. Het aangetaste cement werd vervangen voor nog een hardere cementmortel met een gipshoudende afwerklaag.
-
Restauratie Mariakerk in 1962 - 1966blootlegging en restauratie. Periode waarin ingrijpend is gerestaureerd, bouwkundig is gereconstrueerd. Alle trekstangen en stutbalken in het interieur zijn vervangen voor betonnen balken in de kap. Het overgrote deel van het originele en verwoeste pleisterwerk werd vervangen door een cementmortel. het grootste deel van de schilderingen werd bewaard, blootgelegd en gerestaureerd. Hierbij is gewerkt met cement, kalkcaseine voor injecties en caseineverf voor retouches. er is terughoudend en herkenbaar geretoucheerd in grove arceringen. Nog geen synthetische lijmen.
-
Restauratie Kerk van Noordbroek in 1968 - 1974blootlegging en restauratie van alle schilderingen. Het in verval geraakte gebouw werd van binnen en buiten gerestaureerd. Ook met betonnen ankers in de kap. Tegelijkertijd werden alle schilderingen ontdekt en blootgelegd.
-
Restauratie Kerk van Noordbroek in 1942onderzoek naar roetaanslag op laatste oordeel. In 1938 vond er een binnenbrand plaats waarbij de blootgelegde schildering het laatste oordeel zwart van het roet was geworden. Gerhard Jansen werd gevraagd om te beoordelen of dit schoongemaakt kon wordfen. Hij adviseeerde dat dit kon, maar stelde voor om dit mee te pakken tijdens een volgende restauratieronde.
-
Restauratie Kerk van Noordbroek in 1907 - 1908gedeeltelijke ontdekking en blootlegging. In het koorgewelf werd het laatste oordeel ontdekt en blootgelegd.
-
Restauratie Johannes de Doperkerk/Janskerk in 2024Conservatie pleisterwerk en gewelfschilderingen, herstel bevingsschade.
-
Restauratie Johannes de Doperkerk/Janskerk in 2019Herstel bevingsschade. Tijdens het herstel van de bevingsschade werd ook onthecht pleisterwerk geconstateerd. Gelijktijdig is een noodconservatie aan dit pleisterwerk uitgevoerd.
-
Restauratie Johannes de Doperkerk/Janskerk in 2004Conserveren schilderingen en pleisterwerk. Stabiliseren van onthecht pleisterwerk (vermoedelijk met Plextol-injecties) en scheurherstel (watergedragen krimpvrije mortel op basis van kalk)
-
Restauratie Johannes de Doperkerk/Janskerk in 1960 - 1963Blootlegging en restauratie. Schilderingen zijn blootgelegd, grote delen pleisterwerk zijn vervangen, voegen zijn opnieuw ingeboet met cementmortel. Geen retouches aangebracht. Uitgevoerd door Jelle Otter, vanaf 1963 samen met Lammert Muller.
-
Restauratie Johannes de Doperkerk/Janskerk in 1921Onbekend. In sluitring tweede travee uit het westen staat P. van der Molen 1921 met potlood geschreven.
-
Restauratie Hippolytuskerk in 2021Aardbevingsschadeherstel en conservatie SIM. Aardbevingsschadeherstel: scheurherstel, uithakken harde restauratievullingen + opnieuw voegen en bepleisteren, injecteren en vullen (ook vanuit de kap door aannemer). Conservatie: consolideren van losse verf- en pleisterlagen, waar nodig zijn vullingen vervangen en minimaal geretoucheerd.
-
Restauratie Hippolytuskerk in 1976 - 1981Onderzoek, blootlegging en restauratie van alle schilderingen. De eerder gerestaureerde schildering van de zondeval werd afgenomen i.vm. reparatie aan het onderliggende metselwerk. De schildering is door Otter teruggeplakt en geretoucheerd overeenkomstig Bokhorst in 1917; dit was een afwijkende aanpak ten opzichte van de rest van de schilderingen. De overige schilderingen zijn minimaal geretoucheerd, met uitzondering van de hemel en de hel. Hier zijn de restauratievullingen rijkelijk voorzien van arceringen.
-
Restauratie Hippolytuskerk in 1941(her)ontdekking van Pinkstervoorstelling en conservatie. Blootleggen van schildering en verder onderzoek. Geen uitvoerige restauratie. Geen geld voor onderzoek naar overige schilderingen.
-
Restauratie Hippolytuskerk in 1916 - 19171916: ontdekking van schildering 'de Zondeval'. 1917: restauratie van deze schildering. De schildering is 'opgehaald en bijgewerkt'
-
Restauratie Hippolytuskerk in 1879Ontdekking diverse schilderingen. Ontdekking Laatste Oordeel en duif van Pinkstervoorstelling in viering en diverse schilderingen in transept; vervaardiging van calques (1:1) door C.H. Peters, waarna overgewit.
-
Restauratie Kerk van Wirdum in 2017Conditieopname en kleinschalige conservatie.
-
Restauratie Kerk van Wirdum in 1987 - 1994restauratie van twee zeer onthechte muurschilderingen aan de noordwand en consolidatie van dagkantschildering oostwand. schilderingen noordwand bleken compleet onthecht en aangetast door zouten. vastgezet met mowilith. Schildering dagkant oostwand verfhuid sterk gedegradeerd, oppervlak voorzien van beschermlaag.
-
Restauratie Kerk van Wirdum in 1959 - 1961Ontdekking en blootlegging tijdens restauratie. Kerk verkeerde in verwaarloosde toestand. Muurwerk waarschijnlijk volledig vol vocht. Schilderingen in dagkant middelste venster oostwand blootgelegd door verwijdering metselwerk in het ooit dichtgezette venster. Hierdoor heeft het oppervlak een enorme klimatologische schommeling doorstaan.
-
Restauratie Petrus en Pauluskerk in 2014Herstel bevingsschade in de Mariakapel en het koor. De schade in de Mariakapel was omvangrijker dan in het koor.
-
Restauratie Petrus en Pauluskerk in 1953 - 1957Restauratie gewelfschilderingen in het koor. In 1957 restauratie gewelfschilderingen Mariakapel. In 1956 stierf Gerhard Jansen, waarna J.R. van Nijendaal de restauratie vervolgde waarbij hij de schilderingen in het koor en Mariakapel 'nazag'.
-
Restauratie Petrus en Pauluskerk in 1942 - 1944Restauratie gewelfschilderingen in de Mariakapel (noorderkapel). Technisch gezien uitstekend gerestaureerd en hier en daar aangevuld.
-
Restauratie Petrus en Pauluskerk in 1938H. Heyenga (schilder uit Loppersum) kreeg in 1938 de opdracht om de kerk opnieuw te witten, waarbij schilderingen in koor en Mariakapel werden ontdekt. Kort daarna werd in opdracht van de Monumentenzorg een onderzoek uitgevoerd door Gerhard Jansen.
-
Restauratie Petrus en Pauluskerk in 1912Schilderingen bij toeval ontdekt in 1912, o.a. pelikaan in koor.Bij gebrek aan restaurator werd hier verder niets mee gedaan.
-
Restauratie Jacobikerk/Dionysiuskerk in 2015Aardbevingschadeherstel. Alle 'aangewezen' scheuren zijn geinjecteerd en gevuld met kalk. Er hebben naast het bevingsschadeherstel verder geen conserverende handelingen plaatsgevonden. Hooguit wat noodinjecties bij extreem onthechte delen die toevallig werden ontdekt.
-
Restauratie Jacobikerk/Dionysiuskerk inErgens na 1986 werd het inmiddels opnieuw door zouten verwoestte restauratiepleisterwerk van de wanden hersteld.
-
Restauratie Jacobikerk/Dionysiuskerk in 1972 - 1977Volledige restauratie kerkgebouw, blootlegging en restauratie van gewelfschilderingen in de twee koortraveeen. Het schip en de noorbeuk worden bedekt gelaten. In het schip zit nog de baksteemimitatie onder de witkalk/deels restauratiepleister, met op de westwand nog een draak (1350) . De noordbeuk is in de 18de eeuw bijgebouwd. Hier zijn geen schilderingen aanwezig. De schilderingen zijn vastgezet met plextol B500. Het onderliggende metselwerk bleek heel slecht. Inboetwerk werd uitgevoerd met cementmortel. Lacunes in de gewelven en bijna al het pleisterwerk van de wanden werd vervangen door cementmortel. Er is minimaal geretoucheerd.
-
Restauratie Jacobikerk/Dionysiuskerk in 1935Ontdekking enkele schilderingen in het koor, gedocumenteerd en weer overgewit.
-
Restauratie kerk van Garmerwolde in 2013Conservatie muur- en gewelfschilderingen en herstel bevingsschade. Conservatie van alle schilderingen door OUOU. Bij alle schilderingen zijn onthechte delen vastgezet met kalkinjecties. Retouches van Gerhard Jansen zijn grotendeels intact gebleven op enkele na. Nieuwe vullingen zijn geretoucheerd in trattegio. Tijdens de conservatie zijn er een minimaal aantal bevingsscheuren hersteld, vooral 1 grote in het vieringgewelf. De restauratiekalkverf van al het omliggende restauratiepleisterwerk in de gewelven is na de grote restauratieperiode van de jaren '40 zwaar verkleurd geraakt in zwart gele tinten. Dit waarschijnlijk als gevolg van schimmels in de (caseine)kalkverf. Deze vlekken zijn tijdens de laatste restauratieperiode van 2013 gecamoufleerd met poederklei. Het door zout verwoeste restauratiepleisterwerk van alle wanden werd afgeschraapt en vervangen door aannemer met een Jahnmortel.
-
Restauratie kerk van Garmerwolde in 1941 - 1944Onderzoek, blootlegging en restauratie. Volledige restauratie van de kerk (in- en exterieur). De schilderingen werden ontdekt, blootgelegd en gerestaureerd. De schilderingen zijn hierbij ruim en vol geretoucheerd en sterk gereconstrueerd, met een dunne bindmiddelarme (caseine)verf.
-
Restauratie Mariakerk in 2015Aardbevingschadeherstel. Alle 'aangewezen' scheuren zijn geinjecteerd en gevuld met kalk. Er hebben naast het bevingsschadeherstel verder geen conserverende handelingen plaatsgevonden. Hooguit wat noodinjecties bij extreem onthechte delen die toevallig werden ontdekt. In het herstelrapport is wel een beknopte conditieopname opgenomen.
-
Restauratie Mariakerk in 1967 - 1973Onderzoek, blootlegging en restauratie . Het zwaar in verval geraakte gebouw (sloopdreiging) werd van binnen en buiten gerestaureerd. Een verlaagd houten plafond in het koor werd verwijderd, dichtgemetselde vensters werden geopend. Tegelijkertijd werden alle schilderingen en decoraties ontdekt en blootgelegd.
-
Restauratie Stefanuskerk innog checken.
-
Restauratie Stefanuskerk in 1945 - 1950Algehele restauratie van kerkgebouw in- en exterieur. schilderingen blootgelegd en gerestaureerd. Ingrijpende restauratie na enorme oorlogsschade. Hierbij werden meerdere schilderingen uit verschillende periodes ontdekt, blootgelegd en gerestaureerd. De verfresten uit meerder periodes zijn fragmentarisch gebeven en nauwelijks aangevuld of gereconstrueerd. Vermoedelijk is hierbij alleen kalk en caseine gebruikt. Mogelijk voor het omliggende werk is wel cementhoudende restauratiemortel gebruikt.
-
Restauratie Sebastiaanskerk in 2019Conservatie muur- en gewelfschilderingen en herstel bevingsschade. Noodzakelijk onderhoud aan alle schilderingen (SIM). Scheurherstel bevingsschade in de gehele kerk, 31 incidenten. Het door zout en vocht aangetaste pleisterwerk aan onderzijde is vervangen.
-
Restauratie Sebastiaanskerk in 1948 - 1950Onderzoek, blootlegging en restauratie. Ingrijpende restauratie vanwege oorlogsschade, waarbij veel schilderingen zijn gereconstrueerd. Bij het herstel is veel cement gebruikt.
-
Majestas DominiOp het meest oostelijke gewelfvlak van het koor is de tronende Christus frontaal zittend afgebeeld binnen een vierpasmotief. Zijn rechterarm houdt hij gebogen voor zijn bovenlichaam; in zijn linkerhand houdt hij 'Het boek des levens', waarop de letters 'A' en 'Q' zijn aangebracht. Hij draagt een lang gewaad, waarbij onder de taille, in rechte lijnen, plooien zijn aangegeven. Bij de hals van de mantel is een decoratieve band aangebracht. Christus is hier als baardeloze jongeling, met een erg lange hals en kort, krullend haar weergegeven. Rond zijn hoofd is een uitsparing in de vorm van een nimbus te zien. Om Christus heen, binnen de vierpas, zijn in een rastervorm okergele en zwarte lijnen aangebracht. Dit raster is rechts van Christus erg vervaagd; links van hem zijn de mazen groter en is de schildering veel duidelijker. Het lijkt of het hier om een bijschildering gaat. De vierpasvorm wordt aangegeven met drie lijnen waaromheen een decoratieve lijst met gestileerde lelievormen is geschilderd. In de zwikken van de vierpas zijn de symbolen van de vier evangelisten geschilderd. Linksboven de engel van Mattheus, rechtsboven de adelaar van Johannes, rechts- onder de leeuw van Marcus en linksonder zijn resten van een os bewaard gebleven, het symbool van de evangelist Lucas. Wanneer we een foto van de schildering uit de jaren zestig vergelijken met een recente opname, blijkt dat de schildering in de loop van de tijd erg vervaagd is. Links van Christus staan twee heiligen ten voeten uit, mogelijk Johannes de Doper en Maria. Rechts van Christus zijn ook twee figuren geschilderd, waarvan mogelijk één Sint-Martinus, de patroonheilige van de kerk. (bron: Aldus…) gele oker en zwart op kalk
-
Sint Maartenskerk te BozumTijdens een restauratie van de kerk in 1941 werd een unieke Majestas-Dominischildering aangetroffen op de drie oostelijke gewelfvlakken van het koor. De schildering stamt uit de tweede helft van de dertiende eeuw. Daarnaast zijn decoratieve schilderingen ontdekt op de rondstaafribben van het meloengewelf. De Majestas Domini is het motief waarbij Christus wordt dit voorgesteld als leraar van de wereld. Traditioneel wordt dit als volgt afgebeeld: de op een troon gezeten Christus, binnen een mandorla, wordt omringd door de vier symbolen van de evangelisten óf de van Christus naar de vier windstreken uitgaande symbolen van de vier evangeliën. De rechterhand heeft hij opgeheven en in zijn linkerhand houdt hij 'Het boek des levens'. In de elfde eeuw worden de jonge, baardeloze én de strengere, bebaarde Christus- figuren naast elkaar gebruikt, terwijl in de twaalfde eeuw de bebaarde Christus de overhand neemt. Het motief van de Majestas Domini komt in Europa regelmatig voor als versiering van de absis en als timpaanvulling in met name twaalfde- en dertiende-eeuwse Romaanse kerken. Daarnaast komt het motief ook in vroeg middeleeuwse miniaturen regelmatig voor. De Majestas Domini die in de kerk te Bozum is afgebeeld, valt binnen de traditie van de uitbeelding van dit motief. In Friesland is dit het enige voorbeeld van een Majestas Domini.
-
WijdingskruisEr is erg weinig van de schildering bewaard gebleven. Slechts enkele delen van twee armen van het kruis in rode oker en zwart en de gele strepen van de stralen tussen deze armen zijn bewaard gebleven. Het kruis is een zogenoemd Maltezer kruis, hetgeen te zien is aan de typerende speervorm van de armen. Het is goed mogelijk dat het wijdingskruis is aangebracht tijdens het inwijden van het nieuwe koor dat rond 1500 is gebouwd. Gezien de plaats waar het kruis zich bevindt, in de laatste travee van het schip, is dit goed denkbaar. Het kruis kan dus vlak na 1500 geschilderd zijn. Tijdens een restauratie van de kerk in 1981-1983 is dit wijdingskruis ontdekt. De schildering is vervolgens gerestaureerd door E. Algra uit Blerikum. rode oker, gele oker en zwart op kalk
-
Mariakerk te BearsTijdens een restauratie van de kerk in 1981-1983 is op het muurvlak van de zesde travee aan de noordzijde een geschilderd wijdingskruis ontdekt. Er is erg weinig van de schildering bewaard gebleven.
-
Ongeïdentificeerde schilderingEen voor een klein gedeelte bewaard gebleven persoon met een lier is op de volgende gewelfvlak te zien. De figuur lijkt te zitten met het snaarinstrument op zijn schoot. Hij houdt de draaislinger in zijn hand. Dit instrument is het enige attribuut dat een aanknopingspunt kan zijn voor een identificatie, hetgeen tot op heden niet is gelukt. Schildering ontdekt in 1998 door H. Hut. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk
-
Ongeïdentificeerde schildering, mogelijk Koning DavidEen op de harp spelende figuur is vaag bewaard gebleven. De contouren van zijn hoofd zijn te zien, net als vage omtrekken van zijn lichaam. Een gedeelte links van het midden is duidelijker: hier zijn de handen en armen van de figuur te zien een de harp die hij bespeelt. Wanneer we kijken naar de geïdentificeerde figuren die in het koor zijn aangebracht, zien we dat allen prefiguraties zijn van Christus of een aspect uit zijn leven verbeelden waaruit zijn goddelijkheid blijkt. Wanneer we in deze richting zoeken, komen we op Koning David die een prefiguratie van Christus was en daarbij de patroon der musici; hij heeft de harp als attribuut. David was een herdersjongen die koning van Israël werd. Hij zou volgens de apostel Mattheus de voorvader van Christus zijn, waardoor deze prefiguratie niet verwonderlijk is. Het is dus mogelijk dat de figuur Koning David heeft voorgesteld die op zijn harp speelt. Schildering ontdekt in 1993 door L. Muller. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk
-
Ongeïdentificeerde schildering geflankeerd door Aaron en SalomonOngeïdentificeerde schildering geflankeerd door Aaron en Salomon. Het centrale tafereel is hier geschilderd binnen een ronde boog bestaand uit een aantal banden met gesloten hogels. Midden in het muurvlak bevindt zich een klein rondgebogen venster; de schildering loopt door tot op de dagkanten van het venster. Schildering ontdekt in 1993 door L. Muller. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk
-
Een niet met zekerheid geïdentificeerde schilderingEen niet met zekerheid geïdentificeerde schildering, evt. een gevangenname, geflankeerd door Mozes en een ongeïdentificeerd object/figuur. Schildering ontdekt in 1986. door L. Muller. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk
-
Isaak en AbrahamRestanten van twee oudtestamentische figuren flankeren het centrale tafereel. Schildering ontdekt in 1998, door H. Hut en H. Visser. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk
-
Maria met kindEen gekroonde Maria zit met het Christuskind op haar schoot, binnen een amandelvormige mandorla, en kijkt de toeschouwer aan. De achtergrond waarop Maria is geplaatst was oorspronkelijk blauw, de kleur die haar kuisheid en onschuld symboliseert. De pigmenten zijn echter verbleekt waardoor er nu alleen nog een groengrijze tint te zien is. Van haar gewaad zijn enkele okergele kleurvlakken bewaard gebleven. Ook van haar gezicht zijn alleen vervaagde gelaatstrekken te onderscheiden, wél zijn de donkere contouren en plooien van haar kleed duidelijk te zien. De schildering toont veel overeenkomsten met de schilderingen die in het koor zijn aangebracht, en stamt hoogstwaarschijnlijk uit dezelfde periode. Wellicht is de Mariaschildering vlak na het overwelven van de kerk aangebracht. Schildering ontdekt in 1998 door H. Hut, Beerta. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers en een blauw pigment op kalk
-
WijdingskruisLoopt men vanaf de ingang van de kerk in de richting van het koor dan is links op de aanzetsteen van het gewelf in de tweede travee van het schip een restant van een wijdingskruis te zien. Gezien de plaats waar het zich bevindt, is het wijdingskruis waarschijnlijk aangebracht bij het inwijden van het nieuwe en verhoogde gewelf. Helaas zijn delen van het wijdingskruis onlangs tijdens de restauratie van de muur gevallen, omdat de schildering erg gedesintegreerd was. Oorspronkelijk was er een rode cirkel geschilderd, aangegeven door een lijn waarbinnen vage okerrode lijnen en kleurvlakken bewaard gebleven zijn, maar nu is slechts de linkerhelft bewaard gebleven. Schildering ontdekt in 1986, door L. Muller. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk
-
Kleine figuur in zwarte lijnenEr is nóg een schildering in het schip aangetroffen die vanuit het schip niet zichtbaar is. Alleen wanneer men de orgeltribune betreedt, valt de kleine figuur in het oog, bovenaan op de noordmuur van de eerste travee van het schip. Het identificeren van de figuur is tot op heden niet gelukt doordat er te weinig aanknopingspunten zijn. Op de achtergrond zijn resten rode- en gele-okerpigmenten aangetroffen; het is niet duidelijk wat hier oorspronkelijk is afgebeeld. Van de figuur, geschilderd in zwarte lijnen, zijn alleen het hoofd en een deel van de romp bewaard gebleven. Dit fragment is het enige restant dat is overgebleven van de schilderingen die op de gehele noordwand van het schip hebben gezeten. Tijdens een restauratie van de kerk in de jaren dertig werden de muren van het schip voorzien van een nieuwe pleisterlaag, waarvoor het oude pleisterwerk verwijderd werd. Tussen de brokstukken werden kleurresten aangetroffen van muurschilderingen. Helaas was het toen al te laat om de schilderingen te bewaren of om een idee te krijgen wat hier oorspronkelijk geschilderd was. Waarschijnlijk is de schildering in de eerste travee alleen bewaard gebleven omdat dit muurvlak niet zichtbaar was voor de kerkganger en dus niet van een nieuwe pleisterlaag voorzien behoefde te worden. Schildering ontdekt in 1986, door L. Muller, Zuidhorn. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) zwart en rode oker op kalk
-
Johanneskerk te BritsumWijdingskruis, een zeer fraaie Mariaschildering en bijzondere en kleurrijke schilderingen in het koor. De schilderingen worden gedateerd dertiende eeuws of rond 1300. Naast de rondboogstaven van de gewelfconstructie in het koor is baksteenimitatie geschilderd die bestaat uit rode vlakken en witte voegen. Gezien de vorm en grootte van de geschilderde bakstenen lijkt deze van latere datum te zijn dan de baksteenimitatie behorende tot het sacramentshuisje. De baksteenimitatie naast de rondstaafboogribben is een typisch gotisch decoratie- element. Mogelijk stamt deze uit de wit-roodperiode, een kerkinterieurstijl in het noorden van Nederland die ongeveer in 1425 begon en een eeuw duurde. De rondboogstaven zijn aan beide lengtezijden beschilderd met okerrode karteltandmotieven. Bovendien is over het midden van de rondboogstaven een gele band aangebracht met aan elkaar geschilderde Andreaskruizen. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) Bij de restauratie in 1998-'99 zijn bijzondere schilderingen gevonden uit circa 1270. In het schip bevindt zich een gewelfschildering van Maria met Kind in een mandorla. De wanden van het koor tonen een rijk uitgevoerde passiecyclus van Christus en daarboven in de boogzwikken de corresponderende Oudtestamentische figuren. (bron: Monumenten in Nederland. Fryslan.)
-
Restant van een figuurWie hier is voorgesteld is onduidelijk; er wordt verondersteld dat hier een kerkvader is afgebeeld. Grote delen van deze schildering zijn bijgeschilderd. Het fragmentarische, oorspronkelijke schilderwerk aan de onderkant van de lijst is aangevuld. Boven is de lijst vager, omdat hier de schildering is verdwenen. De randen van de verschillende fragmenten zijn bijgeschilderd. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) schildering in seccotechniek op kalk
-
JesaiaVan deze schildering zijn meerdere fragmenten bewaard gebleven. Het is een afbeelding van een oudtestamentische figuur, de profeet Jesaja, ten voeten uit. Hij heeft een lange spitse baard, die evenals het haar in donkerbruine oker is geschilderd. Hij draagt een wit gewaad met gele strepen en wijde mouwen waarover hij een okerrode geborduurde schoudermantel heeft geslagen; aan zijn voeten draagt hij gele schoenen. De profeet is geplaatst op een tegelvloer, geschilderd in lichtbruine oker met lijnen in donkerbruine oker die de afzonderlijke tegels aangeven. De achtergrond is een architectonisch vormgegeven muur in lichtbruine- en donkerbruine oker om de schaduwpartijen aan te geven. In zijn linkerhand heeft hij zijn attribuut, een opengeslagen boek, terwijl hij met de wijsvinger van zijn rechterhand omhoog naar het oosten wijst. De blik van de figuur is gericht op de oostmuur van de zuidbeuk, waar een afbeelding van Maria te zien is. Deze profeet, die de apostelen voorafgaat, brengt de samenhang tussen de apostelserie en de Mariafiguur tot stand. Jesaia voorspelde onder andere de onbevlekte ontvangenis van Maria en de doop van Christus. De stoet apostelen wordt zodoende voorafgegaan door de profeet, die het dichtst bij Maria staat. Ook deze schildering is bijgeschilderd, voornamelijk in de hoek linksonder, waar delen van de tegelvloer en de rechtervoet in overeenkomstige kleuren in arceertechniek zijn aangebracht. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) schildering in seccotechniek op kalk
-
Petrus en PaulusDe schildering van Petrus en waarschijnlijk Paulus is een stuk breder dan de eerder beschreven schilderingen, maar is op dezelfde hoogte geplaatst. Om de figuren is een eenvoudige omlijsting in donkergrijze lijnen, die wordt bekroond door twee, inmiddels onleesbare wapens. Boven en onder de schildering is ruimte in de omlijsting gemaakt voor twee naast elkaar liggende vakken voor opschriften. Boven de schildering luidt het opschrift aan de rechterzijde: 'Anno 1575', in het vak aan de linkerzijde staat: 'Ick geloof in god den vaeder den almaeg[tige] schepper van hemel en [a]erde'. Door deze tekst is het duidelijk dat de apostelen hier zijn weergegeven als de auteurs van het credo. Onder het credo worden de twaalf artikelen van de apostelen verstaan. Hierin hadden zijn hun evangelie verwoord, datgene wat zij zouden prediken als zij de wereld in trokken na Christus' dood. Een legende verhaalt dat alle apostelen bij hun laatste bijeenkomst de grondbeginselen van het geloof in één zin of spreuk hadden samengevat. Daarna trokken ze de wereld in. Het opschrift in deze schildering is de spreuk van Petrus, de eerste leerling van Christus. Onder de schildering luidt het opschrift links: 'S. Peter', van het opschrift rechts is alleen nog de letter 'S.......' te zien. De schildering bestaat uit twee fragmenten; het grootste fragment beslaat de gehele bovenzijde. Het tweede fragment, dat een stuk kleiner is, beslaat de hoek linksonder. Van Petrus zijn het hoofd en een schouder te zien, van Paulus alleen het hoofd. Petrus is ietwat kalend weergegeven maar met baard. Hij heeft zijn hoofd sterk naar achteren gedraaid, zodat hij naar Paulus kijkt die achter hem staat. Paulus is afgebeeld met haar en baard in donkerbruine oker. De scène lijkt zich binnenshuis af te spelen; op de achtergrond is een muur met ramen van een architectonisch vormgegeven ruimte te zien. De achtergrond is geschilderd in verschillende gradaties bruine oker om licht en schaduwwerking en de afzonderlijke stenen van de muur aan te geven. Het kleinere fragment, in de hoek linksonder, laat de blote voeten van Petrus zien met een zoom van zijn rode mantel. Petrus is lopend weergegeven. Naast de zoom van zijn mantel is een wapen te zien. 'Gedeeld, I. In zilver een gedeelde adelaar van sabel kijkend naar rechts; II. In keel een spanzaag van natuur'. Waarschijnlijk is dit een familiewapen geweest van een stichter. Tussen de fragmenten is het muurvlak voorzien van een nieuwe kalklaag, geschilderd in een bijpassende crèmewitte kleur, aangebracht met borstelige verfstreken. Ook op deze schildering zijn de randen van de fragmenten, delen van de achtergrond, een deel in het midden van de rechtervoet en de baard in arceertechniek bijgeschilderd. De schildering is niet voorzien van een omlijsting. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) schildering in seccotechniek op kalk
-
Apostel (waarschijnlijk Andreas)Verder in oostelijke richting, op het muurvlak tussen twee ramen, bevindt zich een derde apostel. De gestalte zou Sint-Andreas voor kunnen stellen, omdat deze na Petrus en Paulus een van de eerste leerlingen van Christus was. Zijn attribuut, het zogenoemde Andreaskruis, dat de vorm van een 'X' heeft, is op de restanten niet te zien. De schildering is voorzien van een eenvoudige, in donkergrijze lijnen geschilderde omlijsting, waarin aan de bovenkant ruimte is gemaakt voor een opschrift. Deze luidt:’….Christus.........aer............zn [of zm].........onze...... De omlijsting wordt bekroond met een cirkelvorm waarin een zespuntige ster te zien is; om de cirkelvorm zijn ornamenten in de vorm van gestileerde plantenmotieven geschilderd. De schildering bestaat uit een groot fragment dat bijna de gehele rechterbovenhoek beslaat. Twee kleinere fragmenten bevinden zich rechtsonder, in het verlengde van het grote fragment. Op het grote fragment zijn in het midden het hoofd en een deel van de romp van de figuur te zien. De apostel heeft zijn hoofd iets gedraaid en kijkt schuin naar achteren. Het haar en de baard van de man zijn geschilderd in donkerbruine oker. Hij gaat gekleed in een wit onderkleed, dat alleen bij de hals zichtbaar is, en een mantel waarvan het rechter deel rood en het linker blauw is. De lichtpaarse achtergrond is versierd met plantenmotieven. Op twee kleinere fragmenten zijn delen van de mantel te zien. In deze schildering is veel bijgeschilderd. Doordat ook deze bijschilderingen uitgevoerd zijn in een arceertechniek, is het oorspronkelijke werk goed te onderscheiden van de later aangebrachte delen. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) schildering in seccotechniek
-
Jacobus de Meerdere (waarschijnlijk)De apostel Jacobus de Meerdere is gericht naar het oosten en loopt in een architectonisch vormgegeven achtergrond. Dit lijkt een rondgebogen muur te zijn, met een kroonlijst, geschilderd in lichtbruine oker voor de lichtere delen en donkerbruine oker voor de rondlopende schaduwkant. De apostel heeft een baard en is gekleed in een okerbruine pij die bij zijn middel samengebonden is. Het haar en de baard van Jacobus zijn geschilderd in donkerbruine oker, de pij in lichtbruine oker met een donkerbruine oker om modelé aan te geven bij de mouwaanzet. Op zijn rug hangt een hoed waarvan de brede rand te zien is. Op de hoed is vaag de vorm van een schelp te herkennen, een van Jacobus' attributen. Een ander attribuut van de heilige is het zwaard, het wapen waardoor hij de dood vond. Ook dit is, zij het gedeeltelijk, op het tafereel gevonden. Bovendien is de heilige op traditionele wijze blootsvoets afgebeeld. De oorspronkelijke schildering bestaat nu nog uit drie grote fragmenten waarvan de onderste en bovenste bijna over de gehele breedte van de schildering bewaard zijn gebleven. In het bovenste fragment zijn het hoofd en de schouders van Jacobus, en een deel van de architectonisch vormgegeven achtergrond te zien. Op het middelste fragment zien we een deel van de pij. Het onderste fragment toont aan de linkerkant het onderste gedeelte van de architectonische achtergrond. Tussen de fragmenten is het muurvlak voorzien van een nieuwe kalklaag, geschilderd in een bijpassende crèmewitte kleur die is aangebracht met borstelige verf streken. Ook op deze schildering zijn de bijgeschilderde delen in arceertechniek uitgevoerd: de randen van de fragmenten, delen van de achtergrond, een deel in het midden van de rechtervoet en de baard. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) schildering in seccotechniek op kalk
-
Maria in stralenkrans Op het gedichte venster in de oostmuur van de zuidbeuk is een afbeelding gevonden van Maria met het Christuskind. Ze staat in een stralenkrans en op een maansikkel, de verbeelding van haar reinheid, maagdelijkheid, en van haar rol als de moeder van de verlosser. De schildering is voorzien van een eenvoudige, in donkergrijze lijnen geschilderde, omlijsting. Bovenin zien we twee wapenschilden, waarvan alleen de donkergrijze contouren nog zichtbaar zijn. De heilige Maagd is geschilderd op een grijze achtergrond. Maria draagt het Christuskind op haar rechterarm. Ze gaat gekleed in een wit ondergewaad met daarover een okerrode mantel. In de kleding is modelé aangebracht door een donkere gradatie van de okerkleur. Haar lange haar reikt tot over de schouders en is geschilderd in verschillende gradaties lichtgele tot bruine oker. Haar gezicht is naar de toeschouwer gericht. Om haar heen zijn, in een mandorlavormige krans, vlammen geschilderd in gradaties van gele en bruine oker. De maansikkel is in een lichtgrijze kleur geschilderd. Ter hoogte van de Christusfiguur is een rechthoekige lacune op de romp van Maria met een crèmekleurige laag gevuld. Van de oorspronkelijke omlijsting zijn slechts enkele fragmenten bewaard gebleven. Deze zijn bijgeschilderd tot een complete omlijsting. De plaatsen waar de verflaag is verdwenen, zoals in de figuur en in de achtergrond, zijn bijgeschilderd. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) schildering in secco techniek op kalk -
Apostel Mattheus De meest noordoostelijke pijler van het schip uit de gesloopte Galileërkerk is bewaard gebleven, met daarop de schildering van de apostel Mattheus. Hij staat in driekwart aangezicht, in volle lengte afgebeeld met zijn attributen, een boek en een aks, in zijn hand. Opvallend aan deze schildering is dat door de verkeerde lichaamsverhoudingen het bovenlichaam niet in relatie lijkt te staan met het onderlichaam, hetgeen gecompenseerd lijkt te worden door de gekunstelde draperieën van de mantel. De gehele achtergrond is overgeschilderd in een groenblauwe kleur. Dat deze laag later is aangebracht, is te zien aan de contouren van vooral de handen, waar de groenblauwe kleur de vingers overlapt. Deze schildering vertoont veel overeenkomsten met de apostelserie in de Grote Kerk van Leeuwarden, die volgens Wassenbergh van de hand van Adriaen van Cronenburgh is. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) -
Ondergang der reformatorenVan dit fragment is zeer weinig bewaard, met behulp van bronnen is duidelijk dat op dit fragment de ondergang van de reformatoren is afgebeeld. Fragment bevindt zich in het Fries Museum te Leeuwarden, oorspronkelijk in de voormalige Galileërkerk te Leeuwarden. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk
-
BiechtOp dit fragment is de biecht afgebeeld. Het thema wordt verduidelijkt met het opschrift: ‘penitent[ia]’ .Het fragment bevindt zich in het Fries Museum te Leeuwarden, oorspronkelijk in de voormalige Galileërkerk te Leeuwarden. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk
-
EucharistieOp dit fragment is de eucharistie afgebeeld. Fragment bevindt zich in het Fries Museum te Leeuwarden, oorspronkelijk in de voormalige Galileërkerk te Leeuwarden. okers op kalk
-
HuwelijkOpschrift boven het tafereel:’matrimonivm’. Rechts is een priester te zien die in zijn handen een grote ronde kelk houdt waarop de bruiloft te Kana staat afgebeeld. Bevindt zich in het Fries Museum te Leeuwarden, oorspronkelijk op de zuidmuur van de voormalige Galileërkerk te Leeuwarden. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk
-
Muurschildering metrobuis door Woody van AmenEen lang abstract werk dat zich vanaf het perron uitstrekt over bijna de gehele lengte van de metrotunnel. Het is een kinetisch optisch kunstwerk, waarvan het visuele effect alleen te ervaren is vanuit een bewegende metro. Het kunstwerk heeft als thema beweging. Het toont een geel vlak waarop aan de onderzijde eerst een zwarte streep zichtbaar is. Daarboven komen daar met tussenpauze steeds een lijn bij. In totaal worden het zeven parallelle lijnen. Na de zevende (misschien acht, dat is niet goed te zien) draaien de lijnen en bewegen zij dichter naar de bovenkant het kunstwerk. Daarna verdwijnen de lijnen geleidelijk. De laatste lijn is bovenin zichtbaar tot het einde van het kunstwerk.
-
Negen mannelijke figurenNegen mannelijke figuren temidden van wolken. Bevindt zich in het Fries Museum te Leeuwarden, oorspronkelijk op de zuidmuur van de voormalige Galileërkerk te Leeuwarden. okers op kalk
-
Piet Hein Een schildering in grijstinten, met een ontwerp voor het grafmonument van Piet Hein. Het werk toont Piet Hein als 'priant', knielend aan het bidden. Om hem heen zien we het ontwerp van de zuilen en het triptaan die deel uitmaken van het grafmonument Deze muurschildering is vervaardigd als schets voor het grafmonument van Piet Hein. Pien Hein zelf is in grisaille, een schildering in grijstinten. De zuilen aan de zijkanten zijn in kleur uitgevoerd, namelijk rood. -
Oude Kerk Delft Piet Hein is op de muur geschilderd achter het grafmonument van Piet Hein (was alleen tijdens restauratie grafmonument zichtbaar). -
Fragment van een apostelFragment van een apostel (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) schildering in seccotechniek op kalk
-
Grote of Jacobijnerkerk te LeeuwardenZeven muurschilderingen (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600)
-
Voormalige Galileërkerk"Deze kerk is in 1940 afgebroken. Enkele van de aanwezige schilderingen zijn van de muur gehaald en geconserveerd door G. Janssen uit ’s-Gravenhage. Een gedeelte bevindt zich in het Fries Museum in Leeuwarden. " (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) "Tusschen hoofden noordbeuk gepleisterde zuilen, waarop in 1844 muurschilderingen met het jaartal 1570 werden gevonden.” (bron: Voorloopige lijst der Nederlandsche monumenten van geschiedenis en kunst. Deel IX. De provincie Friesland)
-
Sint-Christoffel Het lijkt dat het hier gaat om Sint-Christoffel die het Christuskind draagt. Aan de positie van Christus te zien, lijkt deze op de schouder van de veel grotere Sint-Christoffel te zitten. Behalve de positie van de figuren ten opzichte van elkaar is ook het zegeteken dat Christus met zijn hand maakt, veelvoorkomend; we zien het ook bij de Sint-Christoffel te Kollum. De locatie van de schildering in de kerk is echter niet in overeenstemming met Sint- Christoffels betekenis als patroonheilige tegen een onverwachte dood. Om deze reden werd de schildering vaak vlakbij een uitgang geschilderd, hetgeen in Westergeest niet het geval is. Waarschijnlijk is de heilige hier afgebeeld om zijn bescherming tegen de watersnood. Westergeest is namelijk een van de plaatsen die vermoedelijk verplaatst is door wateroverlast. Het oorspronkelijke dorp heeft mogelijk meer ten noorden van het huidige dorp gelegen. Het kan hierom zijn dat men het niet zo nauw nam met de traditionele positie van de schildering in de kerk. Hetzelfde komt namelijk voor in de kerk te Bornwird, waar de heilige in het koor te zien is. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) Boven aan de noordwand van de koortravee is een fragment bewaard van een figuur met heiligenschijn en een kopje, een Annunciatie?, XIII (bron: Kollumerland en Nieuw Kruisland) okers op kalk -
Cyclus van de passie De schilderingen op het gehele absisgewelf zijn slecht bewaard gebleven waardoor de afzonderlijke taferelen niet goed te zien zijn. Waarschijnlijk zijn hier scènes uit het Nieuwe Testament en taferelen uit het Oude Testament uitgebeeld. Van enkele gestalten zijn ooit tekeningen gemaakt. Foto's van deze tekeningen bevinden zich in het archief van de Rijksdienst Cultureel Erfgoed; de tekeningen zelf zijn helaas verloren gegaan. De foto's geven wel enkele duidelijke figuren aan maar de taferelen kunnen hiermee niet geïdentificeerd worden. Omdat er op dit moment zo weinig van de schildering te zien is door het vervagen van de pigmenten en het verkleuren van het materiaal waarmee de schildering is gerestaureerd, moeten we voor een beschrijving van het tafereel afgaan op wat eerder over de schildering is geschreven, bijvoorbeeld door G.J. Hoogewerff. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk -
Nederlands-Hervormde Kerk te WestergeestMuurschilderingen in het absisgewelf, over het totale oppervlak, slecht bewaard gebleven en een fragment op de noordmuur. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) Het in tufsteen uitgevoerde apsisgewelf heeft nog enigszins waarneembare 13de-eeuwse muurschilderingen in de vorm van vier stroken voorstellingenvoorstellingen; de bovenste waarschijnlijk met Christus als rechter en daaronder heiligen. (bron: Monumenten in Nederland. Fryslan.)
-
Sint-Christoffel Sint-Christoffel is afgebeeld als de Christus drager: de reus waadt met beide benen door het water met het Christuskind op zijn linker schouder en een staf in zijn handen. Het hoofd van de heilige is verdwenen: alleen het rechteroog is gedeeltelijk nog te zien en ook is een okergele nimbus bewaard gebleven. Sint-Christoffel is gekleed in een vaalbruin hemd dat om zijn middel bijeen wordt gehouden door een riem of een touw. Hierover draagt hij een okerrode mantel. Het Christuskind op zijn linkerschouder houdt in zijn linkerhand een wereldkruis en met zijn omhoog gehouden rechterhand maakt hij een zegeteken. Hij draagt een donkerrood kleed waar modelé in is aangebracht door een lichtere gradatie rood. Op de achtergrond is een in zwarte lijnen geschilderd heuvellandschap te zien. Links zijn enkele huizen geschilderd en rechts, vlak naast de benen van de Sint-Christoffel, een boot met daarachter enkele heuvels. Het water waar de heilige in waadt is aangegeven met een gele oker waarin met zwarte lijnen enkele vissen geschilderd zijn. (bron: Aldus) Onder de schildering bleek bij de restauratie een andere voorstelling gestaan te hebben (rapport Otter). (bron: Kollumerland) Okers op kalk. De schildering is niet kort na het totstandkomen van de kerk aangebracht, omdat onder de Christoffelschildering een andere schildering werd aangetroffen tijdens de restauratie van de schildering in 1967. De staat van de schildering is vrij goed, mede doordat de schildering in 1881 niet werd vrijgelegd zoals bij de gewelfschilderingen wel het geval was. De schildering werd tijdens de restauratie in 1967 van de muur genomen, op een nieuwe drager aangebracht, vervolgens gerestaureerd en op de oorspronkelijke plaats teruggebracht. -
Arend Restanten van de symbolische weergave van de evangelist Johannes zijn te zien op het zuidelijke gewelfvlak van de zevende travee. Op dit moment zijn de restanten te fragmentarisch om een afbeelding in te herkennen. Daarnaast waren bij de sluitsteen fragmenten van ornamenten en een kroon te zien, maar ook deze zijn nu helaas verdwenen. okers op kalk -
Gevleugelde os Een gevleugelde os, het symbool van de evangelist Lucas, is geschilderd in geelbruine oker. Midden op de rug is een staafvormig ornament geschilderd dat overeenkomt met de ornamenten die geschilderd zijn bij de gewelfsluiting. Niet de gehele schildering is bewaard gebleven. De achterpoten zijn gedeeltelijk verdwenen, maar hier is de afbeelding voorzien van een nieuwe pleisterlaag waarop bijschilderingen zijn aangebracht in een lichtere kleur. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk -
Leeuw Eén van de vier symbolen van de evangelisten: van Marcus, de leeuw zijn slechts de achterpoten op het oostelijke gewelfvlak te zien. De ledematen van het dier zijn geschilderd in een bruine oker. Ook de leeuw is geplaatst op een achtergrond van plantenmotieven in groen en bruine oker. okers op kalk -
Fragmenten van een engel De vier symbolen van de evangelisten zijn eveneens op de gewelfvlakken te vinden. Enkele fragmenten van een engel zijn op het westelijke gewelf- vlak bewaard gebleven. De engel is de symbolische weergave van Mattheus. Hij houdt zijn attribuut, de staf, in zijn hand. Hiervan is nog een gedeelte te zien. Verder treft men delen van zijn witgrijze gewaad aan en is het gezicht van de engel met daaromheen het okergele haar redelijk bewaard gebleven. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk -
Vaas Op het noordelijke gewelfvlak is tegen de sluitsteen een vaas ontdekt waaruit plantenmotieven ontspringen in groene tinten en verschillende gradaties bruine oker. Aan weerszijden van de vaas worden de spits toelopende ornamenten doorstoken met staven. Op een van de takken zit een uil. De uil is de symbolische weergave van de synagoge en het jodendom, omdat deze vogel in het licht niet ziet en het licht juist gezien wordt als een symbool van het ware geloof. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk -
Eenhoorn De eenhoorn is op een achtergrond van plantenmotieven geplaatst. Het witte dier is geschilderd met grijze contouren en bruine oker voor schaduwpartijen. De eenhoorn is het symbool en attribuut van de kuisheid. Daarnaast is hij de personificatie van de 'blijde boodschap van Maria, waarbij Christus neerdaalt in haar maagdelijke schoot’. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk -
Rennend hert Het rennende hert bij de sluitsteen op het westelijke gewelfvlak is onder andere een symbolische weergave voor Christus. Het hert werd door zijn vermeende bijzondere krachten gezien als de over winnaar op de slang, het kwaad, en werd zo het symbool voor Christus, de bestrijder van het kwaad. Om zijn snelheid was het hert bij vele schrijvers eveneens het symbool voor de apostelen. Bovendien werd het hert in een aantal bijbelse teksten gebruikt als metafoor, één van de bekendste is: 'verlangt de ziel van de mens naar God, zoals het hert haakt naar de waterbronnen’. Het hert is hier geplaatst tussen groene plantvormige ornamenten die spits toelopen tot aan de fragmenten van een schildering boven de gordelboog. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk -
Christus In de laatste travee voor het koor is op de sluitsteen het aangezicht van Christus te vinden. Hij is afgebeeld met een tweepuntige baard, lang haar en aflopende schouders, hetgeen kenmerkend is voor het Christustype van de middeleeuwse kunstenaars. Om hem heen zien we de symbolen van de evangelisten en symbolische weergaven van Christus en Maria. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk -
Sint-Maarten te paard De patroonheilige van de kerk, Sint-Martinus te paard, is hier in de welbekende scène geschilderd waarin hij zijn mantel deelt met de bedelaar. Het tafereel is niet geheel bewaard gebleven; slechts drie fragmenten zijn nu nog te zien en het centrale gedeelte van de schildering is verdwenen. Het tafereel kan geïdentificeerd worden doordat alle figuren uit de legende nog gedeeltelijk aanwezig zijn: Sint-Martinus, de bedelaar en het paard. Op het bovenste fragment bevinden zich restanten van Sint-Martinus op zijn paard. De heilige richt zich naar de bedelaar op een ander fragment. Van de bedelaar zijn alleen de romp en een deel van het hoofd bewaard gebleven. Onder zijn gebogen linkerarm houdt de bedelaar een bruingekleurd voorwerp geklemd dat lijkt op een bedelnap. In de linkerhand houdt hij de punt van de mantel die hij van Sint- Martinus krijgt, vast. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk -
Maria in stralenkrans Twee fragmenten zijn behouden van de heilige Maagd. De stralenkrans rondom Maria is een verbeelding van de onbevlekte ontvangenis en van haar rol als moeder van Christus. Op het linker fragment is Maria's rechterhelft tot de schouders te zien. De Maagd staat frontaal afgebeeld op een okergele maansikkel waarvan de linker punt zichtbaar is. Ze draagt een groen gewaad dat vanaf haar taille in rechte plooien naar beneden valt. Haar rechterarm houdt ze gebogen om het, nu niet meer zichtbare, Christuskind vast te houden. Om Maria is gedeeltelijk de mandorlavormige okergele stralenkrans bewaard gebleven. Op een kleiner fragment bevindt zich een klein deel van de rechterzijde van de stralenkrans en een stuk van de linkerschouder of -arm van Maria. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk -
De vraatzucht Hier is de personificatie van een ondeugd afgebeeld: 'De vraatzucht'. De figuur is geplaatst op een achtergrond van ornamentele plantenmotieven. Er is een bovenlijf van een mannelijke figuur te zien. De mannelijke figuur is niet geheel bewaard gebleven. Van zijn gezicht zijn alleen de ogen, het voorhoofd en een deel van de kin zichtbaar en ook is zijn romp slechts gedeeltelijk behouden. De 'vraatzucht' is gericht naar de toeschouwer en richt zijn rechterhand naar de plek waar zijn mond moet zijn. Onder zijn rechterarm houdt hij een bruine kruik geklemd. De dikke buik, een gans en een kruik ondersteunen de identificatie van de figuur. Een soortgelijke afbeelding die eveneens geïdentificeerd is als 'De vraatzucht' is in de Martinikerk te Groningen te vinden. Boven 'De vraatzucht' is een mijter te zien die waarschijnlijk iets te maken heeft met Sint-Martinus, de patroonheilige van de kerk. De mijter is immers een symbool voor een bisschop. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk -
Rozetten, fragmenten en restanten van plantenmotieven Rozetten, fragmenten en restanten van plantenmotieven zijn op vele plekken te vinden op de gewelven. Daarnaast ook enkele vage restanten van waarschijnlijk figuratieve schilderingen zijn aangetroffen op de gewelven van de tweede travee. Een vierpotig dier met een lang- gerekt hoofd lijkt op het oostelijke gewelfvlak geschilderd te zijn Helaas zijn de restanten te vaag om dit met zekerheid vast te kunnen stellen. Hetzelfde geldt voor de drie kleine fragmenten op het noordelijke gewelfvlak. Boven de gordelboog op het oostelijke gewelfvlak, tussen de twee rozetten in, is eveneens een fragment van een schildering bewaard gebleven, die met een groenpigment geschilderd lijkt te zijn. Ook dit fragment is te klein om een indruk te geven van de voorstelling die hier oorspronkelijk is geschilderd. okers op kalk -
Sint-Maartenskerk te Kollum "De schilderingen die zich op de gewelven van de hoofdbeuk bevinden, stammen uit het derde kwart van de vijftiende eeuw. De grote Christoffelfiguur op de noordmuur van de vijfde travee is waarschijnlijk in de zestiende eeuw aangebracht. De schilderingen zijn onder te verdelen in figuratieve en decoratieve voorstellingen die zich op verschillende plaatsen op de gewelven bevinden” (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) "De schilderingen stellen allerlei symbolische figuren van planten en dieren voor, die in stijl te vergelijken zijn met schilderingen te Loppersum en 't Zandt in Groningerland. Een nadere studie wordt thans te Nijmegen verricht door P.M. le Blanc in het kader van een overzicht van middeleeuwse muur- en gewelfschilderingen.” (bron: Kollumerland en Nieuw Kruisland, voorafgegaan door Overzicht van de bouwkunst in Noordelijk Oostergo) -
Sint-FranciscusSint-Dominicus en Sint-Franciscus zijn op de bovenste strook van de derde pijler aan de noordzijde van het schip geschilderd. Sint-Franciscus is de stichter van de Franciscaner orde. Over het algemeen wordt hij afgebeeld in een pij en met stigmata in zijn handen, voeten en zijde, zoals ook het geval in Franeker is. Hij draagt een pij van geelbruine oker die met een touw om zijn middel is gebonden. Zijn gewonde handpalmen houdt hij opgeheven. De heilige is blootsvoets en op zijn rechtervoet is eveneens een wond te zien, van de linkervoet komen slechts de tenen onder zijn pij tevoorschijn. Franciscus kijkt omhoog waar twee okergele engelen vier zwarte stralen op de wonden in zijn handen en voeten richten. Een zijwond is hier niet geschilderd. De heilige draagt een baard en het haar is bij de kruin geschoren. De gelaatstrekken zijn geschilderd in verschillende gradaties grijs en zwart. Onder de schildering staat 'Scs Franciscus' geschreven. Een groot gedeelte van de schildering lijkt te zijn bijgewerkt en voorzien van een nieuwe pleisterlaag. Dit is het geval bij een langgerekt verticaal vlak aan de linkerzijde waar de zoom van de mantel en een klein gedeelte van de mouw zich bevinden, bij een gedeelte aan de rechterzijde, bij de elleboog en de zoom aan de rechterkant, en bij de ondergrond en de engelen. De ondergrond is op deze plaatsen iets ruwer en er is enig kleurverschil aan te tonen. (bron: Aldus is opgeschilderd. Middeleeuwse muurschilderingen in Friese kerken 1100 - 1600) okers op kalk